- Snel naar de aandoening...
- Amyloïdose
- Aplastische anemie
- Auto-immuun hemolytische anemie
- Elliptocytose en sferocytose
- Essentiële trombocythemie
- Enzymdefecten
- Glanzmann (ziekte van)
- Hemochromatose
- Hemofilie
- Hodgkin lymfoom
- Idiopathische trombocytopenische purpura
- Leukemie
- Mastocytose (mestcelziekte)
- MGUS
- Multipel myeloom (ziekte van Kahler)
- Myelodysplastisch syndroom
- Myelofibrose
- Myeloproliferatieve aandoeningen
- Non-Hodgkin lymfomen
- Paroxismale nachtelijke hemoglobinurie
- Polycythemia vera
- Sikkelcelziekte
- Thalassemie
- Trombose en embolie
- Trombotische trombocytopenische purpura
- Von Willebrand (ziekte van)
- Waldenström (ziekte van)
Glossary
a | b | c | d | e | f | g | h | i | j | k | l | m | n | o | p | q | r | s | t | u | v | w | x | y | z | 0 | 1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 | 8 | 9
- leukocyt
-
Leukocyten of witte bloedcellen worden vooral gevormd in het beenmerg en zijn veel kleiner in aantal dan rode bloedcellen; de verhouding is ongeveer 1: 650. Er zijn vijf belangrijke typen:
- Lymfocyten (B- en T-lymfocyten en natural killer cellen)
- Granulocyten
- Monocyten
Sommige leukocyten stromen vrij door de bloedsomloop, maar anderen kleven tegen de bloedwand of dringen door in lichaamsweefsels. Wanneer leukocyten de plaats van een infectie of ander probleem bereiken, geven zij substanties af die nog meer leukocyten aantrekken. De leukocyten functioneren zo als een leger, dat het lichaam beschermd tegen vreemde organismen. Wanneer het aantal leukocyten (leukopenie) te laag is, zullen de infecties vaker voorkomen. Een hoger dan normaal aantal leukocyten (leukocytosis) veroorzaakt niet direct symptomen maar kan een aanwijzing zijn voor een infectie of voor bijvoorbeeld leukemie.
