Help

Richtlijnontwikkeling

 

Beknopt stappenplan richtlijnontwikkeling via Hematline (zie stroomdiagram)

  1. Voorbereidingsfase
    • Aanmelding nieuwe of herziening richtlijn
    • Samenstelling werkgroep (vraag een mandaat van de primair betrokken wetenschappelijke organisaties)
  2. Ontwikkelfase
    • Knelpuntenanalyse (+ invitational meeting)
    • Hoofdstukindeling maken: <content toevoegen> book page 
    • Thema’s vaststellen en uitgangsvragen formuleren:  <content toevoegen> uitgangsvraag (=module)  Let op! Altijd onderaan de uitgangsvraag de juiste plek in de hierarchie kiezen. Vergeten? Zie homepage voor overzicht van recent toegevoegde content.
    • Uitgangsvragen verder uitwerken 
    • Kwaliteitsindicatoren opstellen
    • Verantwoording richtlijn uitwerken
  3. Commentaarfase
  4. Autorisatiefase

Ga naar een toelichting op de vier richtlijnfasen

Verder lezen:

Modulaire opzet - uitgangsvragen per hoofdstuk / (sub)paragraaf

"Overweging"

Een aanbeveling is zo sterk als haar onderbouwing: het is essentieel om in de overwegingen alle argumenten te verzamelen en te documenteren pro/contra mogelijke aanbevelingen. Voor een aanbeveling zijn er naast het wetenschappelijke bewijs nog andere aspecten van belang, zoals de expertise van de werkgroepleden, patiëntenvoorkeuren, kosten, beschikbaarheid van voorzieningen en/of organisatorische facetten. Hiertoe behoort ook het refereren naar belangrijke expert opinion van anderen (beleidsstukken; publicaties van vooraanstaande experts, etc.).

Bij overwegingen kan men informatie kwijt over: - veiligheid (bijv. bijwerkingen, risico’s en complicaties); - patiëntenperspectief (bijv. behoeften van de patiënt, te verwachten tevredenheid); - professioneel perspectief (bijv. tijdsbesparing); - beschikbaarheid, werkbaarheid en wenselijkheid van organisatie van zorg aspecten: kosten, voorzieningen, coördinatie, communicatie, gegevensverwerking, taakverdeling, verantwoordelijkheden, etc. Alle aspecten die niet vallen onder de literatuuranalyse bij de uitgangsvraag maar wel van belang zijn bij het formuleren van de aanbeveling.

In de laatste paragraaf van de Overwegingen vindt weging plaats van evidence (conclusies uit de literatuur; indien voorhanden), expert opinion van de werkgroep, en overige overwegingen. De aanbevelingen moeten direct volgen uit deze laatste paragraaf.

  • Uitgangsvraag en aanbeveling
    • Uitgangsvraag
    • Aanbeveling (= conclusie + overweging)
  • Onderbouwing
    • Inleiding
    • Conclusies (kort conclusie in de literatuur/evidence die aan de aanbeveling ten grondslag ligt + SORT grading daarvan)
    • Samenvatting literatuur
    • Zoeken en selecteren
    • Evidence tabellen
  • Overwegingen (zie kader)
  • Zoekverantwoording [per uitgangsvraag]
  • Verantwoording [per herziening richtlijn]
    • Autorisatiedatum en geldigheid
    • Initiatief en autorisatie
    • Algemene gegevens
    • Doel en doelgroep
    • Samenstelling werkgroep
    • Belangenverklaringen
    • Inbreng patientenperspectief
    • methode ontwikkeling
    • Implementatie
    • Werkwijze (methode ontwikkeling)

 

Strength-of-Recommendation Taxonomy (SORT)

Code

Definition

A

Consistent, good-quality patient-oriented evidence *

B

Inconsistent or limited-quality patient-oriented evidence *

C

Consensus, disease-oriented evidence *, usual practice, expert opinion, or case series for studies of diagnosis, treatment, prevention, or screening

* Patient-oriented evidence measures outcomes that matter to patients: morbidity, mortality, symptom improvement, cost reduction, and quality of life. Disease-oriented evidence measures immediate, physiologic, or surrogate end points that may or may not reflect improvements in patient outcomes (e.g. blood pressure, blood chemistry, physiologic function, pathologic findings).

Assessing Quality of Evidence

Study quality

Diagnosis

Treatment/prevention/

screening

Prognosis

Level 1: good-quality,

patient-oriented

evidence

Validated clinical decision rule

SR/meta-analysis of high-quality studies

High-quality diagnostic cohort study*

SR/meta-analysis or RCTs

with consistent findings

High-quality individual RCT†

All-or-none study‡

SR/meta-analysis of good-quality

cohort studies

Prospective cohort study with good follow-up

Level 2: limited-quality

Unvalidated clinical decision rule

SR/meta-analysis of lower quality studies or studies with inconsistent findings

Lower quality diagnostic cohort study or diagnostic case-control study

SR/meta-analysis of lower

quality clinical trials or of

studies with inconsistent

findings

Lower quality clinical trial

Cohort study

Case-control study

SR/meta-analysis of lower quality cohort studies or with inconsistent results

Retrospective cohort study

or prospective cohort study

with poor follow-up

Case-control study

Case series

Level 3: other evidence

Consensus guidelines, extrapolations from bench research, usual practice, opinion, disease-oriented evidence (intermediate or physiologic outcomes only), or case series for studies of diagnosis, treatment, prevention, or screening

*High-quality diagnostic cohort study: cohort design, adequate size, adequate spectrum of patients, blinding, and a consistent, well-defined reference standard.

†High-quality RCT: allocation concealed, blinding if possible, intention-to-treat analysis, adequate statistical power, adequate follow-up (greater than 80 percent).

‡In an all-or-none study, the treatment causes a dramatic change in outcomes, such as antibiotics for meningitis or surgery for appendicitis, which precludes study in a controlled trial.

(SR = systematic review; RCT = randomized controlled trial)

Consistency Across Studies

Consistent

Most studies found similar or at least coherent conclusions (coherence means that differences are explainable).

or

If high-quality and up-to-date systematic reviews or meta-analyses exist, they support the recommendation.

Inconsistent

Considerable variation among study findings and lack of coherence

or

If high-quality and up-to-date systematic reviews or meta-analyses exist, they do not find consistent evidence in favor of the recommendation.

Algorithm: assigning a Strength-of-Recommendation grade based on a body of evidence

[Plaatje toevoegen]

Lees verder (literatuur zie onderaan de pagina)

Kwaliteitsindicatoren

Hematologische richtlijnen

  • Per richtlijn één procesindicator diagnostiek, en  twee uitkomstindicatoren behandeling.
  • Vooraf ter beoordeling aan Qcie NVvH voorgelegd ( via a.w.rippen@amc.uva.nl )

Indicatoren kunnen gebruikt worden om de kwaliteit van zorg te meten. Conform de indicatorstandaard van het Zorginstituut Nederland wordt onderscheid gemaakt tussen structuur-, proces- en uitkomstindicatoren.

  • Structuurindicatoren betreffen vragen naar de organisatorische randvoorwaarden van de zorg, waaronder de aanwezigheid van registraties en kwalificaties van personeel.
  • Procesindicatoren beschrijven metingen aan de procesgang van de zorg, waaronder wacht- en doorlooptijden, aanrijdtijden, volume-indicatoren, risico-evaluaties, indicatiestelling, praktijkvariatie en richtlijnconformiteit.
  • Uitkomstindicatoren zijn metingen van uitkomsten van geleverde zorg (zoals patiënttevredenheid, 10-jaars overleving, mate van ziekteactiviteit, kwaliteit van leven, complicaties, sterfte).

Uitkomstindicatoren hebben de grootste informatieve waarde. Ze geven een indicatie van de daadwerkelijke resultaten van de geleverde zorg. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen zorginhoudelijke indicatoren die samenhangen met de gezondheidsuitkomst en patiëntenervaringen. Patiëntenervaringen zijn uitkomstindicatoren omdat die een resultaat van de zorg beschrijven dat direct door de patiënt wordt gewaardeerd ook al blijft de gezondheidsuitkomst gelijk. Hiermee verschillen patiëntenervaringen van bijvoorbeeld procesindicatoren die door de patiënt worden gewaardeerd vanwege hun relatie met goede gezondheidsuitkomsten.